Even stil staan en achterom kijken

“Yes!”, riep ik gisteren toen ik voor mijn portiek stond. Ik gooide zelfs mijn armen in de lucht. Een vrouw die haar hond uitliet lachte naar me, herhaalde mijn kreet en vroeg: “gehaald?”. Trots vertelde ik haar dat ik zojuist hardlopend van mijn werk in Delft terug naar huis was gegaan: 8,6 kilometer in totaal. En dat terwijl ik drie jaar geleden nog trots was dat ik die afstand niet meer met de auto, maar met de fiets aflegde. Een mooi moment om even bij stil te staan en van te genieten, want eraan voorbij hollen zou zonde zijn.

Voor het hardlopen train ik twee keer per week bij een atletiekvereniging. In de trainingen loop ik regelmatig zo’n 10 tot 12 kilometer en in theorie zou ik dus met gemak 9 kilometer op tempo aan moeten kunnen. Toch was ik daar van te voren niet zo zeker van: in een training overbruggen we de afstand vaak in verschillende tempo’s en met diverse oefeningen tussendoor. Bovendien loop ik dan in een groep en kan ik me optrekken aan het ritme van de andere lopers. En ook de afleiding zorgt ervoor dat de afstanden beter vol te houden zijn. Tot zo ver mijn praktische twijfels.

Want er was ook nog dat stemmetje in mijn hoofd dat het hoogste woord voerde en twijfel zaaide over mijn eigen kunnen. Bij elke nieuwe stap die ik zet en elke kleine grens die ik doorbreek, wil dat stemmetje aandacht en zorgt het voor gedachten van angst en onzekerheid: ‘kan ik dit wel?’, ‘het wordt vast heel zwaar en helemaal niet tof’, ‘als het niet lukt, dan heb ik gefaald’. In mijn hoofd had ik gedurende de dag de route al een paar keer afgelegd en deze verwachtingen kleurden mijn gedachten over de voorgenomen run nog sterker. Niet slim, want ik kan niet in de toekomst kijken en zou verwachtingen los moeten laten en de gebeurtenis gewoon op me af moeten laten komen. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan*.

Om 17.00 uur was het tijd om mijn hardloopkleding aan te trekken. Ik wenste mijn collega’s een fijne avond, haalde diep adem en ging op pad. Want ondanks de twijfel en onzekerheid is mijn motto: gewoon doen! De ervaring leert: het valt eigenlijk altijd 100% mee. En zo niet, dan ben ik in elk geval een ervaring rijker. Dat stemmetje zal in elk geval niet gauw winnen.

Al snel vond ik een prettig tempo: ik liep gemiddeld zo’n 9,5 km per uur. Ik durfde niet sneller te gaan; bang om te vroeg te veel energie te verliezen. Ik vond het veel belangrijker om alle kilometers uit te lopen. Normaal gesproken vind ik de eerste kilometers het meest vervelend. Mijn hartslag moet dan nog omhoog en dat geeft een wat benauwd gevoel. Dit keer bleef dat gevoel echter uit en mijn benen voelden sterk en soepel. Prima omstandigheden voor een fijn loopje dus.

De route naar mijn huis is voornamelijk heel lang rechtdoor, over vlakke fietspaden. Precies wat ik fijn vind, want dan lukt het me het meest gemakkelijk om in de verte te staren, mijn hoofd leeg te maken en in een stabiel tempo te blijven lopen. Het ging lekker, de kilometers vlogen op het ritme van de dancemuziek die Spotify me voorschotelde voorbij: 3 kilometer, 5 kilometer, 6,5 kilometer. Op dat punt voelde ik al dat ik nog ruim voldoende kracht en energie had om de volledige 8,6 kilometer naar huis te lopen. Dat maakte me tijdens het lopen al erg blij en met een grote glimlach, zo’n lach waarbij mensen je even vreemd aankijken met een blik van: ‘waar lach jij om?’, legde ik de laatste kilometers af.

Na de run (en uiteraard na het uitlopen en rekken en strekken, straks leest mijn trainer mee…) plofde ik op de bank met een groot glas water. Een gevoel van trots overspoelde me en ik voelde me heel gelukkig. Ik dacht aan de onzekerheid die ik had gevoeld voor ik ging lopen en ook aan al die keren hardlopen die er nu voor hadden gezorgd dat ik dit gewoon kon. Die allereerste minuut rennen, nadat ik besloten had om het eens te proberen. Hoe zwaar die minuut was en hoe ik me toen niet kon voorstellen dat ik ooit twéé minuten zou hardlopen. Het was goed om even stil te staan bij wat ik bereikt heb, in plaats van me alleen maar te richten op de doelen die ik nog wil behalen. Door even achterom te kijken en te zien waar ik vandaan kom, groeit het vertrouwen in mijn eigen kunnen. En dat maakt het mogelijk en steeds ietsje gemakkelijker om die kleine stappen vooruit te blijven zetten. Ook als ik wel een keer ‘faal’. Zo lukt het me om mijn grenzen steeds iets te verleggen en te groeien in de richting die voor mij prettig voelt.

*Leo Babauta van Zenhabits heeft meerdere artikelen geschreven over het loslaten van verwachtingen. Dit vind ik bijvoorbeeld een heel mooi voorbeeld: ‘Fantasies’. En ook zeer aanbevelenswaardig: ‘How to master the art of living’.

Advertenties

2 gedachtes over “Even stil staan en achterom kijken

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s